BUURTBEURT- door Nicole Smit-Schilder en Robert Beernink  
 
‘Wij zijn aan de beurt om het buurtfeest te organiseren, Sien!’
  ‘Ik weet het, Sjeel. Kom binnen, dan overleggen we even.’
  Sien kijkt nog even snel de straat op en neer of er iets te zien is wat ze nog niet weet, voordat ze de voordeur met een klap dichtgooit. Uit de apotheekkast komt een halfvolle sherryfles en van het afdruiprek pakt ze twee wijnglazen.
  ‘Gezellig. Tut!’
  ‘Ah, lekker. Ja, doe nog maar een.’
  ‘We wonen hier nu met zijn allen vijftien jaar, Sien. We moeten flink uitpakken met dat feest! Vind ik. Jij dan?’
  ‘Wat bedoel je?’
  ‘Nou, een beetje zoals vroeger. In de eerste jaren.’
  ‘In de eerste jaren?’ Sien kijkt haar overbuurvrouw met grote ogen aan. ‘Met alles erop en eraan?’ Sjeel knikt met glinsterende ogen en lichtrode konen. ‘Mm.’
  ‘Lijkt je dat niet wat?’
  ‘Nou, eerlijk gezegd …’ Sjeel kijkt Sien verwachtingsvol aan, voorbereid op zowel teleurstelling als blijdschap. ‘Lijkt me geweldig. Woeh! Een feest net als toen. Ik … ik …’ Ze houdt de lege sherryfles omhoog. ‘Wil je er nog een?’ Sjeel schuift kirrend haar glas richting Sien die uit de kelderkast een andere fles haalt. ‘Ik vraag me wel af of de nieuwe mensen op nummer 69 mee willen doen.’
  ‘Dat jonge stel?’ Ze giechelen allebei en hebben niet in de gaten dat medium sherry is veranderd in moezelwijn.
  ‘Weet je nog Sjeel, in tweeduizend, toen jij met buurman Harry wegging?’ giechelt Sien. Sjeel bloost. Ze weet het nog hoe ze ladderzat in een veel te krappe leren mini rok vertrok naar het huis van Harry. Haar vlezige benen gestoken in een zwarte netpanty. Ze zag Harry nog steeds voor zich. De stevige schouders, zijn harige borst en dan zijn lid. Een flinke jongen, dubbel zo groot als die van haar eigen man Jaap.
  ‘Hebben jullie de hoge hoed nog boven?’ vraagt Sjeel snel om haar verlegenheid enigszins te verdoezelen. De ogen van Sien stralen als glimmende diamanten.
  ‘Ja, die hoed ligt er nog.‘ Ze klapt opgewonden in haar handen. ‘Wie wil jij het liefst?’ wil ze grinnikend weten.
  ‘Doe mij die nieuwe vent van nummer 69 maar. Bij hem hoef je je in elk geval niet eerst door een lading talg heen te werken.’
  ‘Nou, die wil ik ook wel’, geeft Sien toe. ‘We kunnen toch wel wat regelen? Voor onszelf, bedoel ik.’ Ze knipoogt naar Sjeel.
  ‘Natuurlijk. Dan nemen we toch een strippenkaart! Ik denk dat zo’n jonge kerel wel een paar keer achter elkaar kan. In elk geval vaker dan een keer per week.’
  ‘Wat? Krijg jij kleine Jaap elke week nog op bezoek in je jaap? Mijn Henk komt niet vaker dan eens per drie maanden, en in een goed kwartaal twee keer.’
  ‘Dan hoop ik dat nummer 69 de huissleutels in de hoge hoed wil gooien. Zij lijkt mij, op het eerste oog, niet voor een gat te vangen. Als je ziet hoe ze erbij loopt!’
  ‘Als een temeier, ja. Moeten we ze nog voorlichten?’ vraagt Sien.
  ‘Huh?’
  ‘Voor … eh … ik bedoel vooraf inlichten.’
  ‘Ik zeg; gewoon laten komen. Na een paar drankjes ligt de lat niet meer zo hoog.’
  ‘Tegen de tijd dat Henk met die hoge hoed op zijn stijve snikkel naar buiten komt.’
  ‘Ja, dan …’ De bel gaat en Sien loopt de gang in en er klinkt gemorrel.
  ‘Waar zijn godverdomme de huissleutels?’ De vrouwen schieten tegelijkertijd keihard in de lach. Sien schuift de vitrage opzij en ziet de nieuwe buurvrouw voor de deur staan. 
 
Sien doet open. 'Ha, buurvrouw!' roept ze vrolijk uit. 'U komt als geroepen!' De buurvrouw staat wat onwennig in de deuropening. Ze draagt een stapeltje folders onder haar arm. Het haar zit keurig naar achteren gekamd, ze draagt geen make-up. Sien staart naar een grote harige moedervlek in het gezicht van de vrouw. De vlek is niet te missen en het valt haar moeilijk om er niet naar te kijken. Wat voor lichaam zou er onder die degelijke zakkige jas van de buurvrouw schuilen? Een wulps lichaam met volle rondingen of een hoekig uitgezakt troosteloos figuur?
  De buurvrouw komt aarzelend binnen. 'Ik moet zeggen dat ik nog nooit eerder zo hartelijk ben ontvangen ergens.' zegt ze op lijzige toon.
  'O, en waarom niet?' wil Sien weten.
  'Nou u weet wel, ik ben Jehova’s getuige. Vandaar.'
  ‘Ik had je eerst bijna niet herkend in die eh… jas’, zegt Sien.
  ‘Normaal gaan we niet langs de deuren in de straat waar we wonen, maar dit is een mooie gelegenheid om meteen kennis te maken met de buurt. Ik heet trouwens Trudy en mijn man Gijs.’
  ‘Ik ben Sien en dit is Sjeel. We zijn net bezig met het organiseren van het buurtfeest.’
  ‘Wat leuk’, zegt Trudy en ze legt de folders op tafel. ‘Kunnen Gijs en ik meehelpen?’
  ‘Doen jullie wel aan feesten, dan?’ ontvalt Sjeel.
  ‘Ja, natuurlijk, waarom niet? Maar bijvoorbeeld verjaardagen vieren we niet. Zeg, mag ik met jullie over het paradijs praten?’
  ‘De slang!’ roept Sjeel en Sien giechelt.
  ‘Ja, de verleiding van Eva’, zegt Trudy serieus en pakt een folder van de stapel.
  ‘Wat had ik graag Eva willen zijn’, zucht Sien. ‘Het is lang geleden dat ik een fatsoenlijke slang heb gezien!’
  ‘Dan was je uit het paradijs geflikkerd, schat’, zegt Sjeel en schenkt weer in. ‘Jij ook?’ Trudy weifelt.
  ‘Dat was zonde geweest’, erkent Sien.
  ‘Jullie halen de zaken wat door elkaar’, probeert Trudy voorzichtig.
  ‘Weet je wat, Trudy?’ zegt Sjeel. ‘Kom naar het feest, dan maak je in een keer kennis met alle buren. Leg het daar maar eens goed uit, hoe dat zit met de slang en Eva en het paradijs.’
  ‘Goed’, zegt Trudy blij en vertrekt huppelend naar huis. Sjeel en Sien kijken haar na.
  ‘Echt een meid voor Henk!’ zucht Sien.
  ‘Zal wel’, zegt Sjeel. ‘Maar ik ontferm me liever over Gijs en zijn Wachttoren.’ 
 
Het is al laat in de avond. Gijs werpt ongeduldig een blik op de voordeur. 'Waar blijft ze nou?' mompelt hij. Het is nu al weer een paar uur geleden dat ze de buurt in trok, op zoek naar verloren zielen. Gijs zucht. Hij is allang niet meer zo overtuigd als Trudy is. Sterker nog, hij is het geloof zat.
  Zijn gedachten dwalen vanzelf af naar Nadine. Ongelovig en ongelooflijk lekker. Watertandend denkt hij aan haar kontje. Zijn eigen vrouw heeft nooit zin en om eerlijk te zijn zal haar weerzin hem een biet wezen. Nadine ziet hem ook wel zitten, vermoedt hij. De verleidelijke blikken en het uitnodigende uitzicht op haar decolleté hebben hem daar inmiddels van overtuigd.
  Dan hoort hij het gerinkel van een sleutelbos, Trudy staat voor de deur. Maar wat staat ze daar nu te doen? Waarom komt ze niet naar binnen? Hij loopt enigszins verwonderd naar de voordeur en opent die. Daar staat Trudy, zwaaiend op haar benen. Verbijsterd kijkt hij haar aan.
  'Wat is er met jou? Waar kom jij in godsnaam vandaan? Je stinkt. Heb je gedronken?!'
  Trudy begint te giechelen als een schoolmeisje. 'Ach, eentje maar, voor de gezelligheid,' lacht ze en stapt wankelend naar binnen. Ze grijpt zijn arm en kijkt hem fanatiek aan. Haar 'overtuigd van zichzelf en geloof-blik' noemt hij die.
  'Luister Gijs, wij blijken enige buren te hebben. Wist jij dat?' 
 
Na een nacht vol passie en posities die Gijs van Trudy niet gewend is, lijkt in de weken daarna de oude godsdienstwaanzin toch weer boven te komen drijven. Als een berg ziet Gijs ertegenop om met zijn koelkast naar het buurtfeest te gaan. De straat wordt versierd, een roodwit hek moet het doorgaande verkeer tegenhouden en drie grote barbecue kachels staan al vroeg die avond te roken. En er is drank. Koelkasten vol. De bewoners van de straat kennen elkaar al lang en ze zoenen elkaar bijna hartstochtelijk drie keer op de lippen. Ook Gijs krijgt van de uitdagend geklede dames dikke natte klapzoenen. Hij voelt de kwijl achter de boord van zijn overhemd druipen. Trudy houdt wat afstand, ondanks de getuite lippen vol varkensvet en mayonaise waarmee de mannen haar willen begroeten. Ze houdt het bij een hand. Gijs en Trudy maken kennis met iedereen en het lukt Trudy vrij gemakkelijk afspraakjes te maken om over haar paradijs te komen praten. De meesten willen dat dezelfde avond nog. Ze maakt zelfs een schema in haar Iphone.
  ‘Wanneer komt Henk met de hoed?’ krijst Sjeel, in een krappe minirok.
  ‘Hij kan ‘m niet vinden!’
  ‘In zijn broek!’ giert Sjeel en slaat haar benen met een weids gebaar over elkaar. ‘Godverdomme, wat ben ik geil zeg!’ Gijs ziet de afdrukken van de rieten tuinstoel in de dikke dijen van de buuv. Eerst denkt hij dat het een ouderwets design van een onderbroek is. Maar die heeft ze niet aan. Dan klinkt er ineens een luid sissend geluid in een van de barbecues.
  ‘Wat is dat? Er was toch geen regen voorspeld?’ Jaap, chef BBQ, met in zijn ene hand een vork en met zijn andere onder het korte rokje in de blote bilnaad van buuv Lea, kijkt bezorgd naar de lucht.
  ‘Sorry,’ roept Sjeel. ‘Geen paniek Ik zat even met mezelf te spelen.’
  Dan klinkt het in koor: ‘Henkie! Henkie! Henkie!’ Een voordeur gaat open en er verschijnt een hoge hoed.
  'Hee, die Henkie, kom maar lekker hier met die hoge hoed,' schreeuwt Sjeel. Ze hapt in een vette varkenspoot. Het hete vet drupt langs haar kin naar beneden. Henk is gehuld in een te strakke wielrenbroek en een glimmende tanktop. Lachend springt hij tussen het publiek, de hoed tonend als een waardevol relikwie.
  'Wie doen er allemaal mee vandaag?' roept hij terwijl hij haastig een slok neemt uit het dichtstbijzijnde glas bier dat op tafel staat. 'Ik heb dorst!' schreeuwt hij. 'En trek in wat gewillig vlees!' Zijn wellustige blik glijdt over het wulpse lijf van een jonge buurvrouw die kirrend naar hem staat te lachen. Gijs kijkt het tafereel stomverwonderd aan.
  'Dus dit moeten verloren schapen voorstellen?' fluistert hij tegen Trudy. Ze wil er niet van horen. 'Jij ook altijd met je negativiteit. Ze zijn ... wat vrij. Maar dat betekent niks.' Ze draait zich van hem af en loopt naar de rest van de buren.
  Henk gaat als een collectant met de cilinderhoed rond. Huissleutel na huissleutel wordt gedoneerd.
  ‘Is dit aftrekbaar?’ vraagt Jaap lachend. Hij wil zijn hand onder de rok van Lea vandaan halen, maar dat lukt niet. ‘Ik zit vast,’ fluistert hij voor iedereen hoorbaar. Lea steekt haar enorme pokdalige achterwerk iets naar achteren en geeft Jaap daarmee voldoende ruimte om zijn beklemde vingers uit haar strakke poepgaatje te bevrijden. Hij pakt met dezelfde hand een broodje en een gebarsten worst van de gril. ‘Eerst eten! Is er nog saus?’ Lea kijkt hem lippenlikkend aan.
  ‘Jij ook, Trudy?’ vraagt Henk, die onverstoorbaar zijn ronde met de hoge hoed vervolgt.
  ‘Ik heb de hele avond al ingepland!’ lacht Trudy en ze laat hem haar Iphone zien. ‘Ik kom op elk huisnummer. Even kijken. Waar is Sien?’ Ze heeft het nog niet gezegd of ze horen hard gillen.
  ‘Daar!’ wijst Lea. Ze ziet Sien voorover gebogen staan met haar achterkant tegen een slaapkamerraam. ‘Sien is de ramen aan het soppen!’ Er wordt gelachen, maar dan horen ze hulp geroep.
  ‘Dat is Harry!’ roept Jaap. Sien gooit het raam open en begint te schreeuwen.
  ‘Help. Kan er iemand met een nijptang komen? Harry zit met zijn ballen vast in de matrasspiraal!’
  ‘Nou, nou, harige Harry met zijn vleeslul gevangen bij zijn lange zak,’ zegt Lea meewarig terwijl ze Jaap kordaat bij zijn taas pakt en zijn vrije hand tussen haar lebberende lippen duwt. ‘Daar pas ik wel voor op, Japie!’ Maar haar beoogde prooi loopt richting het huis waar Sien in haar volle overdadig behaarde glorie, die bijna schuil gaat achter haar uitgezakte borstpartij, nog voor het raam staat. Hij draait zich nog even om naar Trudy. ‘Vijf minuten. Kom dan boven. Ik wil alles weten van de goddelijke drie eenheid!’ Dan sprint hij weg. 
 
Nadine komt aan bij de straat. Sinds een tijdje is ze aan het flirten met Gijs en ze heeft het triomfantelijke gevoel dat dit zo zijn vruchten heeft afgeworpen. Trudy kent ze al heel lang maar is eigenlijk verloren voor haar sinds ze volledig opging in haar geloof. Het begon als troost na de dood van hun eerste kind en daarna liep de goddelijke devotie steeds verder uit de hand. Verder en verder en tot het te ver kwam.
  Nadine stapt van haar fiets en ziet het kleurrijke buurtgezelschap jolig drinkend en bij de voortuin van nummer negenenzestig. Een buurman met een opvallende tanktop aan graait met zijn hand onder de rok van een ordinair geklede vrouw. Ernaast staan Gijs en Trudy. 'Wat is dit?' mompelt ze, wrijvend in haar ogen. Iedereen kijkt stomverbaasd naar Nadine en Trudy.
  ‘Wat doe jij hier?’ vraagt Trudy.
  ‘Ik?’ hakkelt Nadine. ‘Ik ben toch je tweelingzus?’ Ze klampt zich vast aan het eerste wat ze te pakken kan krijgen: het is de staande lul van Henk.
  Gijs heeft de situatie snel onder controle. ‘Begin jij aan je rondje langs de huizen, Trudy, dan zorg ik dat Nadine vertrekt.’
  Nadine, bekomen van de schrik over het object waaraan ze zich in nood heeft vastgegrepen, trekt met een vies gezicht haar handen snel van opstandige kleine Henkie af, maar hij kan het niet houden. Een flinke, naar etter en chloor stinkende witte lading gulpt naar buiten en druipt over de hand van Nadine.
  ‘Kom, eerst maar even handen wassen voor je gaat,’ zegt Gijs. Trudy kijkt ze na, als ze naar binnen gaan. Nadine houdt haar bezoedelde hand ver van zich af. Nog steeds vallen er klodders op straat.
  ‘Goddomme, mijn avond nu al naar de kloten’, moppert Henk. ‘Ik heb er zes weken voor gespaard!’
  Trudy hoort dat niet meer, want ze is al bij huisnummer 1 naar binnengegaan, waar even eerder Jaap en Lea naar binnen waren gegaan en niet veel later Jaap bij Lea naar binnen ging. Ze klopt binnen op de voordeur en hoort van boven: ‘Kom, kom. Duw maar open!’ Trudy loopt blijmoedig de trap op en wil de deur open duwen, maar hij staat al net zo ver open als de doos van Lea, waarin Jaaps vuist helemaal is verdwenen.
  Jaap kijkt vrijmoedig naar de deuropening. ‘Ha, die Trudy, je komt als geroepen. Sluit de deur en maak het jezelf vooral gemakkelijk!' roept hij enthousiast. Hij draait zijn hand rond in de warme doos van Lea en trekt deze aarzelend terug. 'Ik krijg kramp, sorry,' mompelt hij. Trudy staat aan de grond genageld. Ze kan zich niet verroeren van schrik en iets anders … een soort fascinatie voor de getoonde sensuele beelden. Jaap trekt en trekt. Dan draait hij zijn hand nog eens. Zijn gezicht ziet er verhit uit. 'Verrek, mijn hand zit klem!' zegt hij. 'Werk eens even mee, Lea. Loslaten, die lippen. Ik heb ook wat lekkers nodig.' Lea kreunt en wiebelt met haar bleke volle achterwerk. Helaas, de hand blijft klemmen in de stroeve doos, die op slot lijkt te zitten. Trudy ziet lijkwit en kijkt nerveus om zich heen. 'Help!' kermt Jaap, 'geef even een ruk, Trudy.' Ze komt twijfelend naderbij en trekt met een slap armpje aan Jaaps vrije hand. 'Harder!' gilt Jaap. Ook Lea schreeuwt het uit. Van genoegen of ellende, dat is Trudy niet helemaal duidelijk. Het is een heksenketel in de kamer. Trudy en Jaap trekken uit alle macht om Jaap zo snel mogelijk uit zijn benarde positie te bevrijden. Dan ineens horen ze een luide "plop” en schiet de hand in een keer los. Trudy verliest haar evenwicht klapt naar voren met haar gezicht in een schaal vissalade.
  ‘Dat was nog eens klaarkomen, Jaap!’ roept Lea meteen nadat haar kutlippen als saloondeuren zijn dichtgeklapt. ‘Kom, nog een keer!’ Maar Jaap kijkt met een van pijn vertrokken gezicht naar zijn bevrijde kletsnatte hand. Drie vingers staan krom. Trudy ziet meteen dat ze gebroken zijn.
  ‘Godverdomme, uitgerekend mijn rukhand. Wil jij me niet even aftrekken?’ vraagt hij aan Trudy. Bij het horen van de vloek, maakt Trudy dat ze wegkomt. Ze ligt achter op schema. Na haar gezicht met een tissue snel schoongemaakt te hebben, schiet ze met een oud gebed in haar hoofd en een nieuwe tinteling in haar onderbuik het huis ernaast binnen. Ze loopt tegen Henk op, die met zijn mobiel staat te filmen.
  ‘Wat is …?’ Henk kijkt haar aan en begint haar gezicht te besnuffelen.
  ‘Wie heb jij net gebeft?’ Hij gaat nog een keer met zijn neus langs haar wang. ‘Lea zo te ruiken.’ Dan draait hij zich om en filmt verder. Trudy ziet dan pas de steeds open en dichtgaande bilspleet van, gezien de pleister op de laaghangende meedeinende zak, Harry. Zijn bruine oog knipoogt haar voortdurend toe. Sien ligt met haar benen in zijn nek en ontvangt zijn pik met gierend genot. Tussen het oerwoud van plakkerig schaamhaar, kijkt Trudy vol verbazing naar haar spierwitte aars.
  Henk ziet dat en fluistert: ‘Ongelukje met bleekwater.’
  Harry hoort dat, kijkt om en ziet Trudy. ‘Kom erbij!’ roept hij uitnodigend. Meteen trekt hij zich terug uit Sien, draait zich met een ruk om en raakt haar met zijn enorme leuter op de kin. Sien gaat onmiddellijk knock out.‘
  Staat u dit allemaal te filmen?' brengt Trudy met moeite uit. Ze probeert niet te kijken naar het geslacht van Harry, maar het ding lijkt op een uit zijn voegen gegroeide boomstam, dus ze blijft toch kijken. Sien ligt bewegingloos op de vloer, tussen restjes vlees en broodkruimels. De stank is overweldigend. Het ruikt naar seks en verschraald bier.
  Henk blijft filmen terwijl hij antwoordt: 'Uiteraard film ik dit. Voor het nageslacht. We hebben veertien jaargangen boven liggen.'
  De deur wordt geopend. Sjeel huppelt naar binnen. 'Ik dacht al dat het hier gezellig zou zijn. Jullie gunnen mij toch wel wat gezelligheid, of niet?’ Ze lacht liefjes en toont tevreden haar volle borsten voor de camera. Henk zoomt er wellustig op in. 'Wist je trouwens dat jouw man met je tweelingzus thuis zit? Ik liep er net langs. Het zag er ... lekker uit!'
  Trudy voelt een schok door zich heen gaan. 'Wat zeg je?' stamelt ze en draait zich om naar de deur.
  'Heel gezellig!' herhaalt Sjeel en neemt de boomstam van Harry in de hand.
  'Je gaat toch niet weg?' roept Henk naar Trudy, die haastig wegloopt. 'Ik wil me graag wentelen in het licht van de heer!' Maar Trudy heeft genoeg gehoord en gezien en spoedt zich naar huis. 
 
Trudy rent de straat over maar houdt dan de pas in. Ze wil ongezien haar huis binnengaan en loopt achterom. Ze schrikt van het tafereel in de keuken. Op haar nieuwe kookeiland zijn ze bezig. Even blijft ze buiten voor het raam staan kijken. Nadine zit op haar knieën voorover gebogen en trekt haar halve manen ver uit elkaar. Met in zijn ene hand een fles ketchup en in de andere een tube mayonaise, waaruit hij om en om een klodder in de bilnaad van Nadine laat vallen, neemt Gijs zijn schoonzusje van achter. Trudy ziet haar kale poes over de kookplaat heen en weer gaan. Ze kan het niet geloven: Gijs neukt Nadine in haar kont. En ze lacht erbij. Gijs heeft bij haar één keer een vinger in haar bips geduwd en daaraan wil ze niet meer denken. Ze rilt bij de herinnering. Auw! Bah! Maar Nadine lijkt ervan te genieten. Hij trekt zijn roodwit gekleurde pik uit haar gat. Nadine likt hem eerst helemaal schoon en begint dan te zuigen tot hij schreeuwend van genot in haar mond klaarkomt en zij de kwak, vermengd met mayo, ketchup en kwijl op haar tieten laat druipen. Dan trekt Trudy de deur open en kijkt de twee aan.
  ‘Nadine?’ stottert Gijs tegen haar. ‘Ik … ‘ Dan kijkt hij Nadine aan. ‘Kijk, Trudy, je zus …’ Dan weer tegen Trudy: ‘Nadine? Ben je teruggekomen? Ik dacht dat je …’ Trudy staat ze rustig aan te kijken. De driekleurige pik van Gijs hangt treurig halfstok en de kont van Nadine staat nog half open. Gebleekt, ziet Trudy, en er lekt nog van alles uit. ‘Laat ons even, alsjeblieft,’ vraagt Trudy en ze trekt de besteklade open. Nadine komt van het kookeiland af en loopt moeizaam naar de gang. Ze gaat naar boven om te douchen.
  Als ze even later weer beneden komt, ruikt ze de barbecue. Trudy zit op de bank. Gijs ziet ze niet. ‘Je zult wel honger hebben,’ zegt Trudy. ‘Hier.’ Ze reikt haar zus een wit bolletje aan. ‘Broodje braadworst.’ 
 
NB: elke gelijkenis met bestaande personen en/of gebeurtenissen berust op waargebeurde observaties. 
 
© N. Smit-Schilder en R.Th.M. Beernink