Nieuwsgierig naar auteur, zijn werk, inspiratiebronnen en achtergronden? Waarom moest 'Plagwijk - dorp langs de rand van het land', Roberts meest recente roman, er komen en nog wel in deze vorm? Robert Beernink houdt van een goed, graag interactief gesprek over dit boek en zijn andere publicaties.
Hieronder volgen een Inleiding, vijf #rblogs over de ontstaansgeschiedenis, de filmpjes ‘Ontmoet & Groet’, ‘Plagwijk in drie keer drie vragen’, 'Beïnvloeders', 'Citaten & Aforismen', het Open Media Interview (augustus 2024) en vraaggesprek met cultuurredacteur Theo Hakkert (mei 2024) in Twentsche Courant Tubantia.
Geïnteresseerd? Klik naar de contactpagina.
Inleiding
Plagwijk - dorp langs de rand van het land is op 21 april 2024 feestelijk gepresenteerd in het Rijksmuseum Twenthe te Enschede.
Citaten
- 'Het leidmotief van Plagwijk zou ik omschrijven als: daden veroorzaken echo's in de tijd.'
- ‘Gedrag observeren door een vergrootglas, is als kijken in een lachspiegel.’
Verkrijgbaarheid
Lees je het liefst met de geur van papier? Koop Plagwijk in #Druk; het is maar één dag reizen!
Lees je liever vanaf een scherm? Bestel Plagwijk als #E-boek in de webwinkel, download direct het bestand en lees!
Maak je keuze in de webwinkel.
Recensies
Lees recensies op Hebban en Rozet.
#rblogs
Klap onderstaande pagina uit om vijf #rblogs over de ontstaansgeschiedenis van Plagwijk boek te lezen:
1. Idee, 2. Keuzes, 3. Ontwerp, 4. Boek, 5. Publicatie.
1. Idee (22-03-2024)
Hoe ontstaat het idee voor een boek?
Er zijn dagen en nachten dat meerdere gedachten door je hoofd schieten die mogelijk een mooie, interessante of spannende vertelling in zich bergen. Zodra je echter de schijnbaar vruchtbare gedachteflitsen een voor een afpelt, kom je vaak tot de conclusie dat het gegeven niet groter is dan het idee zelf, noch mogelijkheden biedt er iets van te brouwen dat schuimt en lekker smaakt.
Tip: haal een afgewezen idee niet direct door de shredder. Regelmatig blijkt een aanvankelijk kansloos lijkend concept prima dienst te kunnen doen in een geheel andere setting.
Voor mij begint de zoektocht naar een geschikt onderwerp of thema meestal met een basale psychologische vraag: waarom doen mensen wat ze doen? Hoe kom je daar achter? Het begint met observeren: wat zie ik? Wees objectief, zet je gevoel zoveel mogelijk uit. Kijk naar gedrag en daden van het individu en vooral ook hoe dat individu interacteert met zijn of haar omgeving. Vraag je vervolgens af: waarom gebeurt wat ik zie gebeuren? Probeer dus te ontrafelen wat de verklarende samenstellende delen van dat menselijk denken en handelen zijn. Dat is op zich al een verhaal!
Het boek ‘Plagwijk – dorp langs de rand van het land’ is voortgekomen uit meerdere bronnen die zich uiteindelijk tot een stroom wisten te verenigen.
Naast wat eigen speurwerk, leerde ik onder andere via hulpverlenende instanties hoe het er echt aan toe gaat in bepaalde stadwijken, dorpen en buurtschappen, hoe men zich daar niet gehoord voelt door het vertegenwoordigend bestuur, zich afkeert van het gezag en er de strijd mee aanbindt, zelf het lot in handen probeert te nemen waardoor ook binnen die gemeenschappen zelf groepsvorming en verdeeldheid ontstaat.
Niet alle inwoners bezitten de cognitieve vaardigheden om voor zichzelf te zorgen of op te komen, als gevolg van onder meer gebrek aan onderwijs, het eigen gelijk bij voorkeur toetsen aan gelijkgestemden, waardoor ze in een vicieuze cirkel terechtkomen en verslaving aan drank en drugs op de loer ligt.
Ik begon me al snel ook af te vragen: wat zie ik als ik door een vergrootglas naar het reilen en zeilen van zo’n gemeenschap kijk? In hoeverre zie ik dan een afspiegeling van de samenleving als geheel?
Zo werd een idee een verhaal.
* * *
2. Keuzes (27-03-2024)
Het op een hervindbare plek opbergen van verzamelde ideeën en informatie voor je nog te schrijven boek, kan een aandacht slurpende bedoening zijn. Een enigszins systematische aanpak is daarom te adviseren. Daarbij komt nog dat je tussendoor, en veelal op even onverwachte als ongelegen momenten, aandachtspunten te binnen schieten die je niet mag vergeten; bijvoorbeeld om inconsistenties of onmogelijke tijdlijnen te voorkomen. Snel vastleggen! Niet zelden moet je het bed uit om een geniale nachtelijke inval te noteren omdat die bij het aanbreken van de dag meestal is verdampt. Net als door de bomen het bos, is het gemakkelijk je verhaallijn uit het oog te verliezen in een ongeorganiseerd fysiek dan wel digitaal archief vol woorden, onleesbare of halve zinnen, aantekeningen en memootjes.
Hoe schep je orde in de chaos? Keuzes maken! Categoriseren. Zoals ook van toepassing is op ideeën, bewaar ongebruikte informatie; ze kan later nog van pas komen of in een ander verhaal van dienst zijn. Maak een bak ‘diversen’.
Voor Plagwijk wilde ik een setting construeren waarin de verschillen tussen (groepen) inwoners, zoals in het vorige #rblog ‘Idee’ beschreven, ook fysiek tot uiting komen. Ik koos ervoor het verhaal te situeren in een dorp dat uit drie in meerdere opzichten verschillende kernen bestaat, een klein bedrijventerrein en een riviertje. Het idee van een stadswijk liet ik varen.
Om de excentrische ligging van het dorp met de naam Plagwijk, de facto mijn allereerste keuze, te benadrukken ligt het aan de landsgrens waar, naast een fietssnelweg, een kloosterruïne te vinden is.
Het besluit de verdeeldheid binnen het dorp extra te accentueren door een klootschiet/kogelwerpbaan toe te voegen waarop de plaatselijke klootschietclub en kogelwerpverenging dezelfde sport beoefenen, was ook een directe keuze.
De eerste contouren van Plagwijk legde ik vast in een schematische plattegrond, een belangrijk handvat, van waaruit ik tot verdere invulling kon overgaan. Gaande het schrijfproces veranderen voornemens voortdurend en dat is prima want het kan altijd beter. Ik vroeg me bij elke mogelijke wijziging telkens wel af of die, redelijkerwijs, binnen dat eerste kader pasten.
De inrichting van dorp en omgeving werd voor een deel ook bepaald door het al eerder, zelfs voordat de eerste zinnen op papier kwamen, genomen besluit, tevens een persoonlijke wens, het verhaal te gieten in een stijl die ironie en satire kan combineren met de pracht en kracht van onvoorwaardelijke liefde.
Uiteindelijk vormden die basiskeuzes de dragende pijlers onder het gehele scheppingstraject.
* * *
3. Ontwerp (2 april 2024)
Tijdens het verzamelen en categoriseren van ideeën ontstaan op het toneel in je hoofd al vrij snel scènes die je vastlegt. Je kunt gerust zeggen dat het schrijven van een boek begint bij het allereerste idee.
De ruim opgezette contouren staan, nu de rest nog even: destilleer vanuit je ideeën, keuzes en eerste opzetjes de ingrediënten die vorm en smaak van je boek gaan bepalen.
Tussendoor: voor mij is de titel vaak de eerste symbolische hanger aan de kapstok waar alle overige hangers van afhangen. Doe een zelftest: waarmee associeer je, voor de vuist weg, de plaatsnaam ‘Plagwijk’? En de ondertitel ‘dorp langs de rand van het land’?
Hoe ziet dat bij elkaar gesprokkelde beeld er globaal uit?
In het buitengebied van Plagwijk wonen hoofdzakelijk boeren. De bevolking van de dorpskern bestaat uit drie groepen die in afzonderlijke wijken wonen. De oude elite, nakomelingen van de stichters, die teren op hun eigen heroïsche geschiedenis, resideren aan cirkelvormige straten rond de Markt. De inwoners waarvan de voorouders ooit naar het dorp kwamen om te werken, wonen in een wijk met uitsluitend rechte straten. Nieuwkomers van buiten huizen in een aparte buurt zonder uitgesproken structuur.
Het onderscheid tussen deze groepen wordt versterkt doordat ze elk een eigen sportploeg hebben voor een en dezelfde sport. Binnen de groepen bestaan onderling ook verschillen op grond van, onder meer, levens- en geloofsovertuiging. Tussendoor paraderen de paradijsvogels.
Rode draad door het verhaal is dat het lokale bestuur er heel veel aan gelegen is alles zoveel mogelijk bij het oude te laten.
Zodra de ware reden voor die behoudzucht aan de oppervlakte komt, ontstaat een diepe crisis waarin bevolkingsgroepen, gezinnen en mensen tegenover elkaar komen te staan en ontspint zich een intense strijd tussen de oude en een nieuwe realiteit.
Deze setting en zeer verkort weergegeven verhaallijn moet worden gevuld met karakters en gezichten die zich qua voorkomen en gedrag lenen om aan een deel van de gebeurtenissen en dialogen een ironische en/of satirische draai en toon te geven.
Vooral vanwege het plezier dat ik er zelf aan beleefde, heb ik het verhaal doorweven met verwijzingen naar al dan niet echt gebeurde historische gebeurtenissen, bekende personen en onvergetelijke typetjes.
Setting, verhaal en karakters worden uiteindelijk bij elkaar gebracht en gehouden door, hoe kan het ook anders, de onvoorwaardelijke liefde tussen mensen.
Van een ontwerp een boek maken vind ik de mooiste fase van het creatieve proces. Daarover meer in het volgende deel.
* * *
4. Boek (8 april 2024)
Het vorige deel over mijn reis naar Plagwijk eindigde met de zin: ‘Van een ontwerp een boek maken vind ik de mooiste fase van het creatieve proces.’
Dat proces bestaat uit inhoud geven, levend maken van het ontwerp. Schrijven is pas echt leuk als je het eerder geschrevene nog eens naleest en onderwerpt aan zelfredactie. Werken aan een tekst om het van ‘levend’ op te werken naar ‘sprekend’ en ‘beeldend’, en dat vaak meerdere keren, leidt ertoe dat je verhaal zich steeds meer met jou vereenzelvigd.
Tot aan de volgende twijfel. Wat nu? Niet opgeven, gewoon doorgaan. Steeds weer word ik bevestigd in een zelf bedacht aforisme: voor auteurs is een punt maken gemakkelijker dan er een zetten!
Het gaat nu om details, invullen verhaallijnen, neerzetten personages, karakterontwikkeling uitwerken en voortdurend controle houden over consistentie: ben ik nog op de goede weg?
Van meet af aan wilde ik Plagwijk schrijven in de vorm van een serie, om die structuur uit te proberen: wat doet dat met mezelf, maar vooral ook wat de invloed is op de lezer. Het werden drie seizoenen van elk negen afleveringen, plus proloog en epiloog.
Door het hele verhaal speelt de vraag: welke invloed heeft het verleden op het heden, het heden op het verleden en wie heeft daar baat bij?
Gaande het schrijven bekroop me het gevoel dat ik dat leidmotief, ‘daden veroorzaken echo’s in de tijd’, sterker naar voren kon laten komen. Dat gaf tegelijkertijd de mogelijkheid om stijlen te combineren. Hoe? Ik besloot elke aflevering te starten met een episode van een doorlopend verhaal over de belevenissen van een aantal soldaten dat na de Tweede Wereldoorlog moeite heeft terug te keren naar het leven van alle dag in Plagwijk en naar zichzelf. In deze 27 episoden van elk 220 woorden komen verleden en heden regelmatig met elkaar in aanraking. Waar het hoofdverhaal veel aan diens fantasie overlaat, wordt de lezer hier direct en zonder veel omhaal met de belevenissen van de soldaten geconfronteerd.
Het in bepaalde gemeenschappen blinde vertrouwen in waarzeggers en paragnosten wilde ik invullen door een karakter op te voeren met een bijzondere gave, in feite een vrij zeldzame fysieke toestand die echt bestaat, namelijk synesthesie, waarbij hersendelen die de zintuigen aansturen met elkaar verbonden zijn. Het personage in het boek associeert geur met kleur.
Uiteindelijk is een verhaal ontstaan waarin lot en noodlot, macht en afhankelijkheid, moed en angst, verdeel en heers, waarheid en leugen en de bijkomende gevoelens met elkaar verweven zijn. Slechts de onvoorwaardelijke liefde kan het alleen aan.
Tijdens het schrijven kreeg ik weleens de vraag: ‘Hoeveel woorden heb je al?’ Daar gaat het niet om. Een verhaal telt immers het aantal woorden dat nodig is om het te vertellen.
* * *
5. Publicatie (13 april 2024)
Het manuscript ligt er, klaar om het de wereld te gunnen. Maar hoe? Wat te doen met die, al dan niet digitale, stapel volgeschreven papieren? Die vormen nog lang geen boek!
Wie geen uitgever heeft, biedt het werk aan mogelijk geïnteresseerde partijen aan, krijgt vaak nul op het rekest en soms een kans.
In eigen beheer publiceren via bijvoorbeeld een webwinkel, is een mogelijkheid. Ook kun je een POD-uitgever inschakelen. POD (Printing on Demand) houdt in dat pas na bestelling en betaling het boek gedrukt wordt. Houd er rekening mee dat bij POD uitgaven actieve begeleiding ontbreekt of sterk is gestandaardiseerd.
Het grootste bezwaar bij voornoemde opties, in mijn beleving althans, is dat het manuscript niet door een of meerdere kritische redactierondes gaat. Mee- of proeflezers, uitzonderingen daargelaten, zijn geen redacteuren.
Ik heb weleens geprobeerd een manuscript te redigeren, viel daarbij echter voortdurend in dezelfde kuil: ik spiegelde de tekst aan hoe ik het zou hebben opgeschreven. Daar gaat het niet om: een goede redacteur laat de schrijver groeien, zichzelf ontwikkelen, beter worden, binnen zijn eigen stijl en mogelijkheden.
Al enige jaren ben ik verbonden aan een uitgever die me door het gehele traject van schrijven tot en met uitgeven, respectvol uitdaagt en voortdurend meer eigenheid laat ontdekken. Je moet daar natuurlijk wel voor openstaan. Eigenwijsheid is niet altijd wijs!
Aangezien je je eigen verhaal nooit voor een tweede keer voor het eerst kunt lezen, je weet immers al wat er komt, word je blind voor instinkers, vallen je bepaalde dingen niet meer op. Voorbeeld: de redacteur van Plagwijk adviseerde me na te gaan hoe vaak het woord ‘maar’ in het manuscript voorkomt. Het geschrift bevat ongeveer 108.000 woorden, een volslank boek. Ik, dat wil zeggen Word, telde ruim 900 keer ‘maar’. Ik heb er 600 van weggewerkt door synoniemen in te zetten, het woord te laten vervallen of de zinnen om te bouwen. Het manuscript werd er beter door!
De redactie wordt afgesloten met echt monnikenwerk, namelijk de opmaak; kortgezegd de tekst zo mooi als mogelijk op de pagina’s krijgen, waarbij onder meer wordt gekeken naar uitlijning, afbrekingen en ‘weduwen en wezen’.
Ondertussen ligt ook het onderwerp ‘omslag’ op tafel. Hoe zorg je ervoor dat de aanblik van de omslag de potentiële lezer voldoende uitdaagt om het boek uit het schap te pakken. Gelukkig bestaan ontwerpers. Schrijver/uitgever/redacteur hebben een sfeerbeeld bedacht voor Plagwijk, waarin, gekoppeld aan het leidmotief ‘daden veroorzaken echo’s in de tijd’, onder meer de woorden serie, grensplaats, heden versus verleden, traditioneel, dreiging en vergrootglas voorkomen. Dit heeft geresulteerd in een omslag die in één oogopslag verschillende elementen van het verhaal combineert om nieuwsgierigheid op te wekken.
Elke schrijver weet hoe moeilijk het is om in de aandacht en belangstelling te komen van het publiek. Ik prijs me gelukkig dat ik, naast een vertrouwde uitgever, een ervaren literair agent, met een deskundig team en een enorm netwerk, bereid heb gevonden mij te ondersteunen bij de ontwikkeling van mijn schrijverschap in het algemeen en de promotie van dit nieuwe boek in het bijzonder.
Ik besef dat ik zelf een belangrijke rol heb in de vergroting van mijn bekendheid en identiteit. Daarvoor met volle inzet acties plannen en ondernemen, doe ik met alle plezier.
Schrijver is een eenzaam vak, hoor ik weleens. Zonder al die fijne mensen om me heen die me daarbij helpen, wellicht. Samen maken we er echter een feest van!
* * *
De recente boekpresentatie van ‘Plagwijk – dorp langs de rand van het land’, betekende een zilveren mijlpaal voor auteur Robert Beernink: het is zijn vijfentwintigste publicatie. Een mooie aanleiding voor een nadere kennismaking.
Omschrijf je schrijverschap in één zin.
“Auteur van kleine grote verhalen.”
Hoe ben je daartoe gekomen?
“Het begon met de vraag hoe ik als schrijver mijn naam en werk grotere bekendheid kan geven en daardoor meer lezers bereiken.
Maar wat is dat precies? Hoe word je bekend? Een voorbeeld: waar denk je aan bij de naam Mark Rutte? Misschien zeg je: dat is een keurige man die het land prima heeft bestuurd. Je kunt ook denken: een gladjanus die Nederland aan de rand van de afgrond heeft gebracht. Wat valt op? Beide volledig tegenovergestelde meningen zijn gebaseerd op de combinatie persoon en werk. Die vormen samen het ‘merk’ Mark Rutte.
Om uit te vinden wat dat voor mij betekent, heb ik de hulp ingeroepen van mijn literair agent. We zijn op zoek gegaan naar een krachtige slogan, een leus, die kort en bondig omschrijft wat mijn merk is en hoe we daar meer bekendheid aan kunnen geven.
We kwamen dus uit op: ‘Auteur van kleine grote verhalen’, omdat ik in mijn verhalen grote onderwerpen heel klein maak en er met een vergrootglas naar kijk en over schrijf, waardoor de lezer het gevoel krijgt alsof zij/hij in een lachspiegel kijkt bij het lezen. ‘Van kleine olifanten grote muggen maken,’ noem ik het ook wel. ‘Dat vind ik het allerleukste om te doen!’”
Je noemt het zelf de ‘loepmethode’. Hoe ben je bij deze vorm gekomen?
“Het begon met liedteksten voor de revue in mijn geboortedorp. Later ben ik ook de toneelscenes gaan schrijven. Revue is bij uitstek een toneelvorm die het gedrag van mensen uitvergroot, waar het publiek om moet lachen omdat het stiekem ook herkenbaar is. En lachen om een ander is altijd plezieriger dan lachen om jezelf.
In Plagwijk heb ik dezelfde methode gebruikt, met de kanttekening dat het publiek, in dit geval de lezer, al lezende er achter komt dat hij of zij zomaar ook een onderdeel van het verhaal had kunnen zijn.”
Past je slogan ook bij de ‘strekenroman’ Plagwijk?
“Zeker. Plagwijk gaat over een plaatsje aan de grens van het land, dat op dorpsniveau te maken krijgt met zaken die op wereldschaal ook spelen. Zoals onderling wantrouwen, machtspolitiek, nepnieuws, list en bedrog en ruzies. Maar ook verdeel en heers van de zittende macht en de vraag wat lokale identiteit is en welke mentaliteit er gangbaar is.
Maar dat is niet alles: een mooi verhaal kan niet zonder relaties tussen mensen en onvoorwaardelijke liefde. In Plagwijk komt ook nog eens de weerbaarheid en kracht van vrouwen heel duidelijk naar voren.”
Het gaat dus over actuele thema’s.
“Absoluut. Ik zie het echt als een taak van creatieve kunstenaars in het algemeen en dus ook van schrijvers, dat zij misstanden aan de orde stellen. Zaken die in strijd zijn met grondrechten zoals vrijheid van denken en doen en recht op bescherming van lijf en leden aan de kaak stellen. Waardoor zij hun lezers aan het denken zetten over hun eigen positie en gedrag. Als daarmee de lezer wordt geraakt, ben ik als schrijver geslaagd.”
Dus van slapstick naar satire; van volksverhalen tot literatuur?
“Mensen om zichzelf laten lachen is een belangrijke stap naar kennen, herkennen en uiteindelijk erkennen wie je bent. Al weten veel mensen diep van binnen wie ze zijn en waarom ze doen wat ze doen.
In de revue is roddel vaak de oorzaak van afgunst en onenigheid en loopt het meestal goed af. Vertaald naar de buitenwereld is de plaatselijke kapper Instagram, de kruidenier X en zijn de kletsende buurvrouwen Facebook.
Na mijn periode als toneelschrijver wilde ik me verder ontwikkelen, heb ik andere vormen en stijlen geprobeerd. Met de zAligen heb ik Fantasy geschreven. Kruipruimte en Pad van Kleren zijn meer psychologische romans.
Van volksverhalen naar literatuur? De bekende schrijver W.F. Hermans schreef ooit: ‘Alle literatuur is provinciale literatuur.’ Uiteindelijk gaat het ook om vermaak.”
In Plagwijk komt alles dus min of meer samen?
“Ja, maar ook na Plagwijk is er voor mij nog veel te leren als schrijver. Ik kijk al uit naar mijn nieuwe projecten!”
Wanneer ben je waar je wilt zijn?
“Zodra mijn slogan ‘auteur van kleine grote verhalen’ vaste voet aan de grond krijgt. Mijn ultieme doel als auteur is het schrijven van een literaire dorpsrevue.”
'Ik hou wel van een beetje groezelig'
Nieuwe roman Robert Beernink speelt in een conservatieve gemeenschap in een dorp.
Een kleine, conservatieve gemeenschap aan een landsgrens die zich afzet tegen de macht. Plagwijk, de nieuwe roman van de Enschedese schrijver en dichter Robert Beernink zou zomaar eens in Twente kunnen spelen. "Dit soort dorpen kom je langs elke grens tegen. Streken waar gesmokkeld werd."
THEO HAKKERT
________________________________________
Het laat geen twijfel dat Plagwijk - dorp langs de rand van het land, de nieuwe roman van Robert Beernink (66), in deze contreien speelt. In Twente, mogelijk Drenthe, of de Achterhoek. Het spreekt uit de karakters van de personages, hun manier van denken, hun taalgebruik, en het blijkt uit de beschrijvingen van het landschap en het centrale dorp.
"Maar één op één is het niet", waarschuwt de schrijver. "Het verhaal is volledig fictief en gaat over een gemeenschap die conservatief is, een beetje langs de rand van het land zit en zich afzet tegen de macht. Een gemeenschap die met een eigen waarheid leeft en die daar graag in wil geloven. Eigenbelang speelt een grote rol."
Plagwijk is een hechte, kleine dorpsgemeenschap, gelegen aan de landsgrens, die op zichzelf is en elke invloed van buitenaf als bedreigend ervaart. Een oude elite heeft het van oudsher voor het zeggen, maar de interne weerstand groeit en vastgeroeste tradities beginnen te wankelen. Niet in de laatste plaats door toedoen van ene Dieudonné de Belfort en haar paragnostische gaven.
Zintuigen koppelen
"Paragnosten vind ik interessant. Ik schrijf in het boek over synesthesie. Dat is de koppeling van zintuigen in de hersenen. Grote wetenschappers zijn zo goed omdat ze dat kunnen, zintuigen koppelen. Blijkbaar schakelt dat in hun hoofden anders." Met meteen lachend eraan toegevoegd: "Zelf heb ik het niet."
Het zaadje van de roman viel in vruchtbare aarde bij een gesprek met iemand die in Enschede in de zorg werkte. "Zij vertelde wat er in bepaalde wijken gebeurt. Ik kon daar met mijn kop niet bij. De invloed van waarzeggers ook. En hoe kampen binnen een wijk elkaar het leven zuur maken. Komt er een gemeenschapshuis, ontstaat slaande ruzie, want de wijk heeft meerdere kampen en één kamp is de baas."
Ander voorbeeld. Een wijk waarin uit liefde voor kinderen een maandsalaris naar speelgoed gaat terwijl ze niks te eten hebben. "Dat soort dingen. Wie daarmee is opgegroeid, blijft het zo doen." Clustervorming van gelijkgezinden, noemt hij dat. "Wat ook een vorm van polarisatie is. Je wordt daar steeds in je mening bevestigd, maar dat moet juist niet. Je moet niet in je mening bevestigd worden. Daar zit 't 'm in. Ik hou wel van een beetje groezelig."
Langs elke grens
Dus de roman speelt hier wel degelijk. "Natuurlijk! Maar dit soort wijken en dorpen kom je langs elke grens tegen. Langs de grens met België, met Duitsland. Wat in de Achterhoek speelt, speelt ook in Brabant, Drenthe en hier. Streken waar gesmokkeld werd en waar altijd gedoe was. Een fascinerende wereld."
Een wereld die ook steeds vaker in romans wordt verbeeld. De heilige Rita van Tommy Wieringa, De lafaard van Bas Steeman en natuurlijk De beesten van Gijs Wilbrink. "Afslag 23 van Eus. Het is een trend."
Net als Wilbrink, wiens roman herkenbaar in de Achterhoek speelt terwijl de naam van de streek nergens valt, noemt ook Beernink Twente niet. "Het speelt overal. De lezer herkent dat. Streekromans in een nieuwe, kritische vorm."
Televisieserie
Robert Beernink heeft Plagwijk, zijn vierde roman, geschreven alsof het een televisieserie is. "Dat heeft het voordeel dat je er veel dialoog in kunt brengen. 70 procent is dialoog. Taalgebruik tekent de mens. Een van mijn lievelingsfiguren doet alsof ze geen Nederlands kan. In dialogen geef ik zo weinig mogelijk aanwijzingen, zodat de lezer zichzelf een beeld kan vormen."
Humor en geweld, Beernink schuwt de contrasten niet. Aan elke episode over Plagwijk gaat een fragment vooraf van een ander verhaal, over een groepje soldaten, waarin dezelfde thema's spelen. "De verbinding tussen de twee verhaallijnen is de vraag: wat is waar, wat is gelogen, wat is aangepast en wie heeft daar baat bij?"
Ook hier contrast. De verhaallijnen zijn in een geheel andere stijl geschreven.
"Een uitgeverij begeleidt je in de ontwikkeling van het boek. Ik heb daar veel van geleerd. Een uitgever belde mij op en zei: 'Dit kan zo niet'. Wat kon niet, het is toch een goed verhaal? Toen zei de man: 'Stijl is altijd belangrijker dan een goed verhaal.' Dat is me bijgebleven. Het moest even landen, maar hij heeft gelijk."
Nieuwe waarheid
Wat zou het mooi zijn als zijn roman vastgeroeste denkpatronen los zou woelen. "Ik zie dat als een taak voor de kunst. In veel discussies zijn op een gegeven moment de argumenten op en blijft iedereen bij het vooraf ingenomen standpunt. Dan ben je uitgepraat. Er is niets nieuws meer. Een droombeeld van mij is dat mensen door de kunst - in de schrijverij, het toneel, de film - een waarheid voorgespiegeld krijgen die ze niet kennen en ze zo voorbij zichzelf laat kijken. Dan kun je verder."
Robert Beernink, Plagwijk - dorp langs de rand van het land. Uitgeverij Ambilicious.
Alle rechten voorbehouden | RBmedia
Sfeerbeeld website:
Dorine Holman
– literair agent
Ontwerp en bouw website: Matthijs Sloos –
Matthijs Ontwerpt
Ontwerp vingerlogo: Robert Beernink (concept) en Ton de Koning –
Probeeld
(design)
Fotografie: Lars Smook –
Lars Smook Fotografie
De foto’s op locatie werden mogelijk gemaakt door de vriendelijke medewerking van
De
Museumfabriek
en
Rijksmuseum Twenthe, beide gevestigd te Enschede.
KvK-nummer RBmedia: 08157115