#BinnenDoorDenker 
 "- bondig formuleren zet aan tot doordenken -"
 

Ontlijnen16 februari 2019                                                                                                                                                                                                                                  
 
Het is zo ingeburgerd dat je het pas door hebt als het niet gebeurt. Voorwaarde is dat je het zelf ook moet laten. Wat ik bedoel? Verplaats je in de volgende situaties. Jonge vrouw met rugzak wurmt zich door de deur van volle sprinter en leunt verveeld kijkend tegen een steunstang. Man komt de wachtkamer van huisarts binnen en vindt de laatste beschikbare stoel tussen een borrelend stoma en twee bacillen rond niezende peuters op schoot van hun naar sigarettenrook riekende moeder. Jij komt snackbar binnen, bestelt drie broodjes kroket en gaat zitten; er is nog acht patat voor je. Wat gebeurt vervolgens in deze drie omstandigheden? Wat is het meest aannemelijk? Als je kuddematig meegaat in de grootste epidemie van ons tijdsgewricht kom je er niet achter, maar ik kan je ongezien op een briefje geven dat zowel de railrunner, de wachtkamenier en jijzelf in de telefoon duiken om virtueel te verdwijnen uit de massa. Om te voorkomen dat je met een willekeurige ander moet communiceren zoek je naarstig contact met een jouw bekend ander medium. En als niemand jou appt, dan doe je het zelf maar. ‘Moet staan.’ ‘Wat mankeer ik ook weer?’ ‘Met mosterd?’ Dat niveau. Ik neem tegenwoordig het ding niet meer mee. Dan kom je nog eens aan de praat met, bijvoorbeeld, het frietkotechtpaar van Turkse afkomst, en realiseert dat je daar klant bent geworden omdat je het zulke aardige mensen vindt. Terwijl de rest, in afwachting van hun vette hap, ongegeneerd asociaal blijft lijnen.


Kwantumtaal9 februari 2019                                                                                                                                                                                                                       
 
In VPRO’s 2DOC was recentelijk ‘De Race’ te zien, over de ontwikkeling van de kwantumcomputer, met in de hoofdrol professor Leo Kouwenhoven in Delft. De fascinerende film opende met een citaat van vermaard natuurkundige en Nobelprijswinnaar Richard Feynman: ‘Wie zegt de kwantummechanica te begrijpen, begrijpt er niets van.’ Gelukkig. Het is dus gewoon een kwestie van accepteren dat één deeltje op twee plaatsen tegelijk kan bestaan en dat die tijdloos met elkaar (of met zichzelf?) communiceren. En dat het door Kouwenhoven aangetoonde Majorana-deeltje alleen nog maar stabiel gemaakt hoeft te worden om een kwantumtelraam te kunnen construeren. Wat is hier zo interessant aan? Traditionele computers lossen vraagstukken op door elke individuele mogelijkheid met eentjes en nulletjes af te vinken. Een kwantumcomputer onderzoekt alle mogelijkheden in een keer, omdat het met behulp van Majorana-deeltjes en nanodraadjes op ontelbare plekken tegelijk actief is. De rekenkracht wordt ongekend groot. Uitdagingen die de huidige computers niet aankunnen, worden een fluitje van een cent. Te denken valt aan het energieprobleem of toepassen van exact op de persoon afgestemde medicatie. De basis van de kosmos en zijn inboedel is de kwantummechanica. Alles wat wij zien, inclusief wijzelf, zijn daar volledig ondergeschikt aan. Het is koren op de molen van religieuzen die menen dat zij naar het evenbeeld van hun schepper zijn gemaakt. Een waar kwantumgeloof! Kunst en in het bijzonder taal en poëzie zullen op zoveel manieren kunnen worden uitgelegd en geïnterpreteerd dat je met een gerust hart kunt zeggen: ‘Dit gaat ver boven mijn pet.’ 


Maatneemland2 februari 2019                                                                                                                                                                                                             
 
Dit land is zo klein dat we alles en iedereen de maat kunnen nemen. Wie in de Verenigde Staten vraagt hoever het rijden is naar een bepaalde plaats, krijgt niet het aantal af te leggen mijlen te horen, maar uren. Ik was in Zuid-Afrika, in het Krügerpark, om de Big Five te schieten, fotografisch, en ik berekende dat de dieren met 19.485 km2 zo’n 46% van de oppervlakte van ons land tot hun beschikking hebben. Die lachen zich een kriek om de collega’s in de Oostvaardersplassen. Onze kleine ruimte vertaalt zich naar de heersende mentaliteit: perspectief blijkt vaak erg beperkt. Een belangrijke oorzaak is de betrutteling door de overheid. Die is zo ver doorgevoerd dat we het niet meer door hebben. Velen zijn niet meer in staat om, buiten de kijkdoos, een kritische noot te kraken. Huiver mee. Echte pubers lappen, uit hoofde van hun rol, de tenenkrommende NIX campagne aan hun laars. Het ‘Kinderpardon’, een semantische aanval op elk menselijk hart, blijkt kil politiek wisselgeld. Iedere burger zou zichzelf moreel aansprakelijk moeten houden voor zijn handelen. Voelen uitzettende ambtenaren een bepaalde historische connectie als ze op de deur kloppen van een doodsbang gezin? Beroerd word ik van dat eindeloze gezever over eten en humaan slachten. Dat raakt de kern: humaan betekent ‘menslievend’, niet dierlievend. Dan hebben we het nog niet eens over de hoererende grabbelton van milieu en klimaat. Daar kan alles, te pas en te onpas, in en uit. Denk verder, door, binnendoor! Leefde Bart Huges nog maar.


Eeuwelingen26 januari 2019                                                                                                                                                                                                                        
 
Onlangs vertoonde het onvolprezen geschiedkundig televisieprogramma Andere Tijden een compilatie van filmfragmenten uit de jaren tien van de vorige eeuw. Ik kan daar niet genoeg van krijgen want ik hunker naar een correct beeld van vervlogen tijden. Veel plaatjes en verhalen in musea en geschiedenisboeken verkleuren en verminken de historie, sturen, steunen en heulen met onderliggende ambities, intenties en gevoelens. De realiteit is altijd rauwer, meer confronterend en lijkt in vele opzichten veel meer op onze tijd dan we zelf vaak denken. Elke nieuwe generatie meet zich een bepaald superioriteitsgevoel aan ten opzichte van de vorige. Daar begint de bijziendheid al. Nederland bevindt zich honderd jaar geleden in een fase van grote veranderingen, vooral van technologische aard. Elektriciteit, auto’s, vliegtuigen, telefoon en film doen hun intrede of worden voor steeds meer mensen bereikbaar. De tegenstellingen tussen oud en nieuw, zeg tussen burgers en buitenlui, worden feilloos gefileerd in stemmig zwart-wit. Boeren, een ouderwets juk torsend, afgewisseld met vliegtuigen op een veld dat nu Schiphol heet. Te zien is ook een klas lagere schoolkinderen uit Volendam, allen in klederdracht, die naar de bioscoop gaan in Amsterdam. Deze leerlingen hebben het leven nog voor zich en zullen onderdeel worden van een generatie die, ondanks de grote depressie van de jaren dertig en een gruwelijke wereldoorlog, ons land verder helpt ontwikkelen. Ik realiseer me dat ze het Volendam van vandaag niet meer zullen herkennen. Hiermee wordt het echt een cynische spiegel: die toen zo uitgelaten en verwachtingsvolle kinderen zijn nu immers allemaal dood.


Komaf19 januari 2019                                                                                                                                                                                                                                    
 
Ik heb een DNA test laten uitvoeren om een indruk te krijgen van mijn afstamming. Dat is een risico: er zijn streken in deze wereld waar je chromosomaal liever niet mee verstrengeld wilt zijn. Enkele weken nadat ik een ruime hoeveelheid wangslijm naar Houston had gestuurd kwam het verlossende bericht: ik ben een oer-Europeaan met wortels voornamelijk in Noordwest-Europa aangelengd met wat zijinstromers uit Scandinavië en de Britse eilanden, met uitzondering van, oh dear, Engeland. Onmiddellijk slaat de fantasie op hol. Loop ik rond met via Dorestad geïmporteerd Vikingbloed? Heeft Arminius, de Germaanse veldheer die hier een stukje over de grens een enorm standbeeld heeft gekregen, de roes van zijn overwinning op de Romeinen in de slag in het Teutoburgerwoud botgevierd op mijn stammoeder? Vanuit Frankrijk of België kan ik me zo gauw geen gewenste verre voorouder voor de geest halen. Wel uit Ierland, Schotland en/of Wales. Was het niet Sint-Willibrord die de kerstening van onze streken voor zijn rekening nam? Ik denk dat zijn zaad niet op de rotsen is beland, die hebben we hier niet, maar in sappige moestuinen. Ik krijg nu voortdurend mails dat er nieuwe matches zijn gevonden, tot wel in de vijfde graad – dat is een eind weg. Er is echter nog geen directe lijn naar Willibrord. Hij moet mijn stamvader zijn: ik heb nota bene op de Willibrordschool gezeten. Als dat geen omen is! Een bijkomend randeffect van al die nieuwe familie is wel dat ik zelf inmiddels nauwelijks meer weet wie ik ben.


Pianolastemming12 januari 2019                                                                                                                                                                                                             
 
In aanloop naar blue Monday op 21 januari voelt het weldadig ons wolkengrijze land, waar momenteel weinig te beleven valt, te verruilen voor de aangename boorden van de Pacific. Ik ben in Los Angeles met slechts één doel, eigenlijk twee maar uiteindelijk één: een duo. Hoewel ik weet waar ik naartoe wil, wandel ik eerst over Hollywood Boulevard en vind daar de eerste. Voor de tweede moet ik Vine Street inlopen. Vervolgens op naar Valhalla Memorial Park Cemetery in Hollywood  voor het graf van Oliver ‘Babe’ Hardy, de dikke, en direct door naar Forest Lawn Memorial Park in de Hollywood Hills. Ik ben van kind af aan een groot bewonderaar van Stan Laurel, de dunne. Als ik naar zijn graf loop barst ik spontaan hardop in lachen uit. ‘If anyone at my funeral has a long face, I'll never speak to him again.’ Dit door de komiek zelf opgestelde grafschrift schiet mij spontaan door het hoofd. Daarna gaat eindelijk mijn lang gekoesterde wens in vervulling: het beklimmen van de 147 traptreden van de Music Box Steps, waarover de dikke en de dunne ooit een pianola naar boven sleepten. De stenen trap tussen Descanso Drive en Vendome Street, vlakbij Sunset Boulevard, toen tegen een kale heuvel gelegen, ligt ingeklemd tussen huizen. Onderweg naar boven gaan hun even iconische, ontwapenende als komische filmbeelden door mijn hoofd. Het is zo intens dat als Stan zijn wijsvinger in Ollies oog prikt, ik zelf ineens wazig zie. Ik voel geen pijn, wel een traan.


Copulator5 januari 2019                                                                                                                                                                                                                                 
 
Er is geen enkel goed gebruik over dat niet onder vuur ligt. De zwartepietendiscussie is er zelf een geworden. Nu gaat het over oudejaarstradities. Ook daar zijn inmiddels oplossingen voor: de hulpdiensten mogen voortaan lachgas inzetten als ze worden belaagd. Dat geldt bij zowel verbaal geweld als kanonslagen. De daders zijn toch niet meer te helpen. Gun vreugdevuurbouwers een tripje naar deze streken om te leren hoe je een fatsoenlijk paasvuur bouwt en hoe je met twintig melkbussen op een rij, water, carbid en een vlam oorverdovende knallen produceert met een beheersbaar en toch gezellig risicoprofiel. Maar ja, in deze tijden kom je niet meer weg met een simpele vergelijking als het om de oplossing van contemporaine problematiek gaat. Toen ik eens zei dat CO2 twee keer zoveel zuurstofatomen bevat als koolstofatomen – waarom maken we ons desondanks zo druk? – werd ik weggehoond. Ik vernam dat zelfs de SDC al tijden op zoek is naar alternatieven voor afzichtelijke windmolenbossen en weivervangende zonnepaneelparken. Op 21 januari komen ze met een revolutionaire innovatie die een oeroude praktijk opwaardeert naar een nieuwe klimaatneutrale energieopwekker. Berekend is dat tijdens seksuele activiteit veel energie vrijkomt die onder meer in transpiratie en amechtigheid nutteloos wegvloeit. Door polen aan te sluiten op de uitvoerende partners kan het spanningsverschil tussen hen worden opgeslagen als energie. Normaal wordt zulks eerst op fruitvliegjes getest, maar die bleken niet bestand tegen bananenstekkers. Er is ook een serendipitair resultaat te melden: onzinnieuws blijkt het best te worden gelezen door een erotiserende titel.


Wegen29 december 2018                                                                                                                                                                      
 
Voornemens maken voor Nieuwjaar is flauwekul. Dat soort ambities is net als de horizon: die is er maar komt nooit dichterbij. Niet meer roken vanaf nul uur op 1 januari? Nou ja, die ene sigaar nog, om de vuurpijlen af te steken. Minder vlees gebruiken? Nou ja, zonde van dat heerlijke hammetje. Daarnaast duurt de nacht nog lang en is een stevige fundering vereist. Minder drinken? Nou ja, wel eerst flink toosten op het nieuwe jaar. Dat doe je niet met bubbelpis van Rivella. Bovendien, een magnum Veuve Clicquot Brut in mijn mik, maakt me tot alles bereid. Weet je wat? Nu 2019 toch al is begonnen, schuiven we al die goede intenties maar een jaar door. Nou ja, waarom ook niet? Ze zijn tenslotte voor jezelf het vervelendst. Dat is de crux. Ik zou zeggen: draai het eens om. Streef naar iets waar een ander wat aan heeft. Mijn wens voor 2019: meer wegen. Hiermee refereer ik niet aan meer asfalt of meer gewicht. We hebben hier toch nauwelijks files en door te blijven dampen wordt je niet moddervet in je laatste pretjaar. Al vreet je heel het hammetjesschap van Dirk leeg. Met wegen doel ik op de manier waarop we elkaar de maat menen te kunnen nemen. Echt out of the box denken betekent: voor alle beschikbare informatie openstaan, die samenvoegen, kanaliseren, laten bezinken en tot een uitgebalanceerde afweging komen die meerwaarde biedt aan het volksgeloof. Je gemoed valt ervan af en het laat zelfs gillende keukenmeiden zwijgen.


Kerststrijd22 december 2018                                                                                                                                                                  
 
Al twintig jaar associeer ik de kersttijd, feest van een geboorte, met een sterven. Mijn vader zou nog voor het einde van het jaar 78 worden, ware het niet dat hij ernstig ziek was. Geruime tijd probeerde hij dat naar buiten toe niet te laten blijken, maar uiteindelijk neemt ziekte elke maskerade weg. ‘Wat is het toch wat met je!’ zei mijn zus. ‘Wat? Het is niks!’ Hij wist het donders goed. Lang hield hij vast aan zijn relativerende humor. ‘Kan ik langskomen?’ vroeg een oud-collega. ‘Och, je houdt me toch niet van mijn bed.’ Waar we in andere jaren als kinderen met aanhang rond de kerstdis samen of apart aanschoven, zaten we toen met zijn allen rond zijn sterfbed. Dat bed naar beneden halen was ook al zo’n ding: ‘Dat is het begin van het einde.’ Inderdaad. Ik weet niet of hij bang was voor de dood. Dat komt omdat ik niet goed kon inschatten wat er nog over was van zijn ooit degelijke katholieke geloof. Ik denk vooral de sfeer: in zijn laatste nacht zong mijn moeder Panis Angelicus; hij opende zijn ogen en keek ons nog een keer aan. Wat een ontroering! Is de tijd voor je geboorte eigenlijk dezelfde als die na je dood? Omdat hij niet wilde gaan met kerstmis, vocht hij zich nog door die dagen en kwam daar de ochtend erna achter. Het was goed zo. Van de geboorte van een dood een familiedag maken is hem in extremis toch maar gelukt. Amen.


Bedekking15 december 2018                                                                                                                                                                                                                      
 
Het wettelijk verbod op gezichtsbedekkende kleding polariseert naar een discussie over godsdienstvrijheid. Dat is jammer, want het is een politieke. Wij koesteren onze democratie. Hier is de macht aan het volk. Daarvoor is openheid en zichtbaarheid een vereiste: je moet kunnen zien met wie je van doen hebt. Bovendien is in ons deel van de wereld godsdienst gaandeweg verworden tot een soort vrijetijdsbesteding, waarin enthousiastelingen nog altijd ongebreideld ziel en zaligheid kwijt kunnen. Was het vroeger een bovenliggende drijfveer van handelen, tegenwoordig is religie ondergeschikt daaraan. Beter is het over de vermenging van kerk en staat te hebben. Ik ben voor een nog striktere scheiding dan nu het geval is en pleit voor breed vormend onderwijs overdag en, desgewenst, godsdienstonderricht uitsluitend buiten werktijd en in de weekenden. Dan kunnen fanatici zich uitleven in bidden, net als die in, bijvoorbeeld, filatelie, swingen en naturisme. Daarmee, hoe kan het toch, zijn we ineens beland aan de andere kant van het spectrum, waar we een doorslaggevend argument vinden waarom we iemand minimaal in het gezicht moeten kunnen kijken: nudisten mogen zich ook niet in hun hobbykostuum op de openbare weg vertonen. De lendenstreek hoort tussen vijgenbladen. Achter de heg, thuis of in het verenigingsgebouw prima, maar niet op straat. Mag je je in het openbaar in alles bedekt laten zien, dan ook in alles onthullend! We zijn het er wel over eens dat alles bedekken in een enkel geval om esthetische redenen verantwoord is, maar het tegenovergestelde onder naaktlopers in ruime meerderheid niet.